maandag 17 september 2012

Gezin en samenleving - De gekoesterde hoeksteen


Het gezin was de hoeksteen van de samenleving. Niet alleen voor de confessionele partijen maar, zij het in iets andere zin, ook in de ogen van liberalen en socialisten.
Zelfs de Nederlandse socialisten hadden het niet erg begrepen op geboortenbeperking, al stonden zij er iets ruimhartiger tegenover dan hun christelijke landgenoten. Ook zij hechtten echter aan een sterk gezin als kleinste schakel van een gezonde maatschappij.

Vooral in de grote steden waren arbeidersgezinnen omstreeks de eeuwwisseling vaak bijzonder slecht behuisd. In het Rotterdamse stadsdeel Crooswijk, om maar een voorbeeld te geven, stonden nog talrijke woningen met een alkoof:
een vensterloos tussenkamertje dat plaats bood aan twee bedsteden.
In de ene sliepen de ouders en het jongste kind, in de andere de rest van de kinderschare. Licht en frisse lucht drongen er niet door.
De aangrenzende woonkamer deed tevens dienst als keuken: midden in het vertrek stond een soort fornuis waarop gekookt werd en dat 's winters ook voor de verwarming zorgde. Erg schoon was het er doorgaans niet; gezinnen die in dergelijke huizen woonden hadden weinig idee van het begrip hygiëne. Pas geboren kinderen werden vaak gevoed uit de fles, met een mengsel van slechte melk en onrein water. Geen wonder dat de zuigelingensterfte in zo'n wijk bijzonder hoog was. Toch daalde de kindersterfte aan het einde van de 19e eeuw gestaag, in elk geval in het westen van het land. Niet iedereen woonde immers in zulke primitieve alkoofwoningen en op veel plaatsen kwam geleidelijk goed drinkwater beschikbaar.
Kort na 1900 ontstonden bovendien de consultatiebureaus waar jonge moeders het belang werd bijgebracht van 'rust, reinheid en regelmaat' als basis voor een goede gezondheid. Samen met het stijgende welvaartspeil en een betere voeding droeg dit alles bij tot het geleidelijk terugdringen van de grote
zuigelingensterfte.


Het hele artikel: klik hier 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten